Vereniging PAS Nederland

  • Vergroot letter grootte
  • Standaard letter grootte
  • Verklein letter grootte

Ervaringsverhaal: Hardlopen bij een vereniging

Print PDF
Ongeveer 25 jaar geleden kwam er bij ons in Winterswijk een duursportvereniging. Ik deed regelmatig aan joggen, en zwom een paar keer in de week. In die tijd heette deze vereniging DVA. Dat hardlopen was in een tempo wat nergens op sloeg, mijn conditie werd er niet veel beter op. Wel kon ik het steeds langer volhouden. Ik deed nog weleens mee aan trimlopen, en kwam altijd ver als laatste aan.
Toen werd ik lid bij DVA, welke later atletiekclub Archeus is gaan heten. Ik was toen met nog een vrouw de enige tussen een mannenwereld. De meesten deden aan lange wegwedstrijden tot aan de marathon toe, en een enkeling volbracht regelmatig een kwart of halve triatlon.

Op zich was het voor mij moeilijk om op sociaal niveau goed aan te sluiten. Ik hoorde er wel bij maar had moeite om contact met andere mensen te maken. Het heeft niets met de mannen te maken. Met de ene vrouw ging dat wel makkelijker, omdat zij oog had voor mensen die iets anders zijn. Je trainde mee en dat was het. Ik bleef maar alleen naar de wedstrijdjes gaan en zag dat de anderen wel met elkaar meereden. Zij liepen ook een stuk sneller dan ik. Ik wist dat zij toch niet zoveel trek hadden om altijd maar op mij te moeten wachten, ik hoorde daar eigenlijk niet tussen, ook omdat ik toch wel anders was dan anderen. Als ik er eens bij hoorde, voelde dit ook wel benauwend en wilde ik het trainingsprogramma op mijn eigen manier doen. Allemaal voor mij toen onverklaarbaar en een dubbel gevoel.

Ik werd ondertussen steeds sneller en mijn gewicht nam successievelijk af. De trainingen vond ik heel fijn en ik kreeg steeds meer prijzen, haalde diverse clubrecords. Toch merkte ik dat ik als mens anders bleef dan anderen en moeilijker sociale interactie had. Dit had ik ook buiten deze vereniging om. Wat was er toch met mij aan de hand? Ligt het aan mijn familie waar ik nauwelijks contact mee heb of lag het aan wat anders? Zo denk je dan: Ach ze merken het toch niet als ik er wel of niet ben. Toen wist ik bij lange na niet dat ik autistisch ben.

Dit heeft al met al jaren geduurd. Ik bleek toch enorm gewaardeerd te worden wegens mijn doorzettingsvermogen en mijn prestaties. Ook vonden ze mij erg gedisciplineerd en erg trouw, ondanks dat ik totaal geen talent heb en een echte "werker" ben. Dus eigenlijk ook wel erg positief. Ze vonden het van mij knap, dat ik overal alleen heen ging en mijn discipline deed. Triatlons, hele marathons (zelfs naar het buitenland w.o. Hamilton, Nieuw Zeeland en New York). Mijn partner ging alleen mee naar grote evenementen zoals Rotterdam Marathon en de sportreizen naar het buitenland. Hij ging nooit naar een regionale wedstrijd. Regionaal gezien kon ik goed meekomen en won geregeld prijzen.

Nu na jaren train ik lekker met anderen mee. Zelfs op de woensdagochtend neem ik er regelmatig verlof voor op. Er zijn nu veel meer vrouwen lid van deze club, maar mannen zijn ook leuke meelopers. Het is zelfs echt gezellig tijdens, maar vooral ook na de training. En toch werken we ons met ons allen in het zweet en zijn best goed fanatiek bezig. De vereniging is goed gegroeid. Ik heb sinds een aantal jaar ook veel beter contact met verschillende mensen. Ze respecteren mij en ik word nog steeds geprezen rond mijn manier van doen, mijn prestaties en de meesten tonen veel respect voor mij als mens. Ik ben ook heel open dat ik een persoon ben uit het Autisme Spectrum, nl. kernautisme. In de loop der jaren heb ik veel geleerd. Ook dingen mezelf aangeleerd om met mensen om te gaan. Ik ga ook weleens met een groepje naar een evenement toe (Enschede halve marathon, Marikenloop enz.), wat erg gezellig is, dit naast de prestatie die je levert. Ik geef sinds een paar jaar ook eens per 5 weken zelf hardlooptrainingen aan een recreantenploeg. Ze vinden mijn trainingsstijl ook erg leuk en waarderen mij hierin.
Natuurlijk ben ik lang niet meer zo snel als vroeger, maar ik doe gezien mijn leeftijd van 53 jaar nog aardig mee.

Rianne Maas